Als een kind een probleem heeft met angst bijvoorbeeld, dan is het heel logisch dat ouders aanpassingen gaan doen om het kind daarbij te helpen. En broertjes en zusjes zullen soms ook meehelpen om dingen voor elkaar te krijgen, of juist te dwarsbomen.
Sommige gedragspatronen zijn minder helpend en houden, zonder dat je dat wilt of doorhebt, het probleem in stand.
Systemische ouderbegeleiding helpt om deze patronen te leren zien en te doorbreken. Je leert zien met welk gedrag je je kind eigenlijk vasthoudt in zijn probleem en welke dingen je kunt doen om het vooruit te helpen. Vaak ook leer je inzien waar je gedragspatronen begonnen zijn en wat je zelf te doen hebt om jezelf in je relaties en verbindingen verder te helpen.
Ook als patronen in gezinnen verschuiven, door bijvoorbeeld een scheiding of een verlies, kan het nodig zijn om te kijken naar hoe je je opnieuw wilt verbinden met jezelf en je kinderen.
Het resultaat is meer zelfinzicht, meer zelfacceptatie, meer rust en minder conflict. Hopelijk lukt het ook om een verdieping te ervaren in jezelf en in de relaties met de mensen om je heen. In ieder geval zal het probleemgedrag van je kind, mede door jouw ondersteuning en de aanpassingen in je eigen gedrag, verminderen.



